Help, het redactielandschap verschuift!                                                                             29 maart 2010
De implicaties van rompredacties, redactiepools en crossmediaal werken

Het zijn geen strategische, maar vooral financiële overwegingen die een rol spelen bij de vele redactionele reorganisaties en experimenten die tijdschriftuitgeverijen recentelijk uitvoeren. In plaats van kostenbesparingen met korte termijneffect kunnen uitgevers beter kiezen voor een duurzame aanpak, gericht op nieuwe inkomstenmodellen.


Geanimeerd publiek

Er wordt de laatste tijd van alles geprobeerd bij uitgeverijen: rompredacties, redactiepools, crossmediaal werkende redacteuren (én voor het blad én voor de site én ...), of juist gescheiden print- en internetredacties, freelancers in plaats van vaste redacteuren, meerdere titels onder één hoofdredacteur, redacties zonder hoofdredacteur. Wat werkt wel en wat niet? Waar kunnen we wat van leren? Die vraag stond centraal tijdens Bladen in De Balie van 29 maart 2010.



Middagvoorzitter José Rozenbroek

Als één ding duidelijk werd, was het wel dat de luxe tijden van weleer, met overbezette redactieburelen waarin redacteuren in vaste dienst zich fulltime met het puzzelhoekje bezighielden of redacteuren rustig voor een paar weken naar verre oorden afreisden voor een fotoshoot, voorgoed voorbij zijn. Het is efficiency en output-optimalisatie wat de klok slaat.

Hoofdredacteur delen
Het model van één hoofdredacteur voor twee titels werd gepersonifieerd door panellid Frans Lomans (die Panorama en Revu aanstuurt) en – in de zaal – Yolande de Best, verantwoordelijk voor Ouders van Nu en Groter Groeien. Volgens Lomans is de combinatie méér dan een kwestie van kostenbesparing. Zijn taken bij de twee titels verschillen: bij Panorama blijft hij inhoudelijk hoofdredacteur, terwijl hij zich bij Revu zal beperken tot meer organisatorische zaken. Revu kent een rompredactie, bestaande uit 5 coördinatoren die freelancers aansturen.



Frans Lomans, hoofdredacteur Panorama én Revu

Mede-panellid Anneliese Bergman vindt één hoofdredacteur voor Libelle en Margriet (waarvan ze jarenlang hoofdredacteur was) ondenkbaar: “Uitstel van executie”.  Volgens Hachette-directeur Luc van Os moet een blad een eigen hoofdredacteur hebben als gezicht naar de adverteerders. Eén man of vrouw op twee bladen kan best, aldus Yolande de Best, als het – zoals in haar geval – gaat om titels die zich richten op een grote doelgroep die doorschuift naar de opvolgende titel wanneer hun kinderen ouder worden. Voorwaarde is wel dat de redacties gescheiden blijven, met name de eindredactie en vormgeving, om de eigen identiteit van de bladen te behouden.



Uitgever Jonge Vrouwen bladen Anneliese Bergman


Redactiepools
Bij Sanoma maakt een groendesk content voor drie buitenbladen (Seasons, Tuin & Co en Home and Garden) en is een beautydesk opgezet voor de glossy’s. Hachette was volgens Luc van Os – “wij zijn altijd 3 jaar te vroeg” - de eerste uitgeverij in Nederland die werkte met een beautydesk, met als belangrijkste doelstelling: Beter nadenken over wat we met onze tijd doen en afstemmen wie naar welk event gaat.



Hachette CEO Luc van Os

De uitgeverij drong vorig jaar de redactiekosten met 20% terug, door medewerkers te ontslaan, beeld centraal (en dus goedkoper) in te kopen en kopij van buitenlandse ELLE-edities te hergebruiken. “We hebben de bladen te snel te dun gemaakt. De prijs/kwaliteitverhouding kwam scheef te liggen”, aldus Van Os. “We smeren nu de reportages meer uit over de pagina’s.” Het experiment met een redactiepool voor Red en ELLE werd al snel gestopt, omdat het niveau van de output “onverantwoord” inzakte.

Zonder (hoofd)redactie
Naast het fenomeen blad zonder hoofdredacteur (bijv.  Yes, waar de uitgever de redactiechef  aanstuurt) komt het zelfs voor dat een titel – en niet de minst succesvolle – zonder redactie in vaste dienst tot stand komt. Femke Leemeijer werkt bij Weekbladpers Tijdschriften als uitgever van de Francine Oomen spinoff Hoe overleef ik... alleen met freelancers; ook de vormgeving is uitbesteed. Het is een kwetsbare situatie, zo moet zij toegeven, maar anders was het niet te bekostigen en de kwaliteit lijdt er beslist niet onder.



Femke Leemeijer en Yolande de Best

Internet erbij
Alex Beishuizen transformeerde zijn blad Computable in een internetuitgave. “Internet is niet een medium, het is een platform. Radio kun je via internet distribueren en print ook. Print is niet perse papier.” In zijn visie is iedere redacteur in principe een internetredacteur. Het blad is – in geval van Computable – een afgeleide. Als je de doelgroep centraal stelt en niet het medium, dan is het de lezer die bepaalt hoe hij met de titel verbonden wil zijn en of hij daarvoor wil betalen. “Volg als redactie het geld.”



Alex Beishuizen, hoofdredacteur Intermediair

Het is volgens uitgever Anneliese Bergman inderdaad in toenemende mate de lezer die “de maat slaat”. De doelgroep bepaalt het platform: internetcommunity, mobiel, strandfeest, app voor de iPhone, ga maar door. “Je moet het er allemaal bij doen, experimenteren en zien wat het oplevert.”
Waar Beishuizen kiest voor een kleine kern van vaste redacteuren en onder zijn lezers zo’n 1.000 deskundigen benadert vanwege hun expertise op specifieke gebieden (user generated content), kiest Bergman juist voor het intern opbouwen van specialismen. “Dat is een van je USP’s. Je moet je steeds meer specialiseren om mensen aan je te binden. Je moet niet van alles een beetje bieden. Mensen gaan ook steeds meer zelf op zoek naar informatie. Er is bijvoorbeeld een nagels-Hyves die al 17.000 bezoekers trekt.”

Yolande de Best zegt niet te weten hoe ze met haar kleine redacties ook nog haar websites moet vullen. En zzp’er Margreet Hagdorn (oud-hoofdredacteur van Yes, Starstyle en Red) verzucht vanuit de zaal  waar de ingekrompen redacties tijd vandaan moeten halen om zelf expertise op te bouwen en om jonge talenten op te leiden.



Paneldiscussie

Duurzaam organiseren
Onderzoeker en adviseur Theo Huibers vindt het hoog tijd voor een duurzame organisatiestrategie. De uitgeverijsector kampt met dalende omzet en stijgende kosten. In tijdschriftenland worden oplossingen gezocht in de richting van titelgroei (we blijven het proberen), social media (we laten anderen het werk doen), e-zines (we denken na over een digitale toekomst) en mobiel (we bereiken de consument overal).

Maar hoe dat allemaal te organiseren: attractievere informatie en diensten van hogere kwaliteit aanbieden, via meer kanalen bereik vergoten en rumour around the brand creëren, meer verbinden met doelgroepen en tussen kanalen (crossmedia), de productie verhogen van input en output en meer inkomsten genereren door meer abonnees, advertenties, partnerships en sponsorships, als je tegelijkertijd de kosten wil verlagen met rompredacties, redactiepools en freelancers? En wat te denken van de implementatiekosten? Hoe meer we centraliseren, aldus Huibers, des te meer laten we de doelgroep los. Dedicated redactieteams moeten zich juist volledig focussen op de doelgroep en de  synergievoordelen benutten bij het innoveren van kanalen, inkomstenmodellen, nieuwe media en producten en diensten.

Inleider Theo Huibers

Tekst: Theo Eijspaart
Foto's: Fons Klappe

De mensen op ‘het podium’




José Rozenbroek heeft sinds november 2007 de redactionele leiding over het Volkskrant Magazine. Daarvoor werkte zij drie jaar als hoofdredacteur van Red en ruim acht jaar als hoofdredacteur van ELLE. José Rozenbroek studeerde Nederlands aan de VU in Amsterdam. Zij is bekroond met o.a. de Mercur voor tijdschrift van het jaar (ELLE, 2001) en voor hoofdredacteur van het jaar (Red, 2004). José geeft cursussen aan (chef)redacteuren: Expeditie Bladenmaken en Masterclass Bladenmaken voor het NUV en Filiaal Bladen Maken aan de School voor de Journalistiek.




Prof. dr. Theo Huibers is bekend van het jaarlijkse onderzoek De uitgever aan het woord. De onderzoeksresultaten van 2010 zijn 18 maart gepubliceerd. 5 jaar geleden begon hij het strategisch adviesbureau Thaesis, waar inmiddels 14 consultants werken. Hiervoor werkte hij bij KPMG waar hij verantwoordelijk was voor het marktteam Media en Entertainment, en bij Ernst & Young.



Anneliese Bergman is sinds mei 2008 bij Sanoma als uitgever verantwoordelijk voor het Jonge vrouwen cluster, met de titels Viva, Flair, Yes en Fancy. Daarvoor was ze jarenlang hoofdredacteur van Margriet. Ook bekleedde ze diverse functies bij Revu. Haar baas Henk Scheenstra zei bij haar benoeming tot uitgever: “Zij heeft een prachtprestatie geleverd bij Margriet. Het is fijn dat we deze zeer ervaren bladenmaker en doelgroepdenker nog nauwer kunnen betrekken bij het formuleren van onze uitgeefstrategie." Voor haar promotie werd ze nog gevraagd om Cisca Dresselhuys op te volgen als hoofdredacteur van Opzij en om als boegbeeld te fungeren van de Taskforce Deeltijd Plus. Maar haar ambities lagen elders.



Frans Lomans heeft een eigen lemma op Wikipedia! Dat zegt over hem het volgende: Frans Lomans (1956) is een Nederlands journalist, die sinds januari 2007 werkzaam is als hoofdredacteur bij tijdschrift Panorama. Vanaf maart 2010 zal hij eveneens als hoofdredacteur van Revu gaan werken. In 1998 richtte hij het blad Sportweek op. Verder was hij werkzaam als presentator bij Sportweek radio, en is hij mede-eigenaar van platenlabel Rosa Records. Niet vermeld wordt dat Frans een pleegouderblog bijhoudt voor J/M voor ouders. Toen Lomans de verantwoordelijkheid voor Nieuwe Revu erbij kreeg zei Eric Ariëns, managing director Sanoma Uitgevers: “Frans is een van onze beste bladenmakers met een jarenlange ervaring die Panorama op een hele knappe manier heeft veranderd. In combinatie met zijn Revu verleden en commerciële gevoel in mijn ogen de hoofdredacteur die Revu nu nodigt heeft.”



Luc van Os is directeur van Hachette Filipacchi Media, de uitgeverij van tijdschriften als Quote, ELLE, Santé en Red. Hij maakte zijn studies rechten (Tilburg) en geschiedenis (Utrecht) niet af. En hij gaat er prat op dat hij zonder afgeronde opleiding zich heeft opgewerkt van advertentieverkoper tot CEO van een fullservice multimediale internationale uitgeefmaatschappij. Luc is vice-voorzitter van de Groep Publiekstijdschriften van het Nederlands Uitgeversverbond.

 



Alex Beishuizen begon zijn carrière in de radiojournalistiek. Na enige jaren als marketingmanager bij een aantal omroepen te hebben gewerkt, werd hij hoofdredacteur van internetportal Soneraplaza. Vervolgens was hij chef van diverse deelredacties bij het Algemeen Dagblad. Hij maakte vanaf 2005 deel uit van de hoofdredactie van Computable en CRN. Tijdelijk was hij ook hoofdredacteur van Emerce Hij transformeerde het weekblad Computable naar een website en werd daarvoor bekroond met de LOF Prijs voor Vakinformatie. Over die metamorfose schreef hij samen met Johannes van Bentum het boek Online of flatline. In februari 2010 werd hij hoofdredacteur van Intermediair.

Lees ook de verslagen in MediaFacts en Villamedia. En bekijk hier de video-registratie.

Flexibel met freelancers?
Steeds vaker worden redacties afgeslankt tot rompredactie met daar omheen de flexibele inzet van freelancers. Als een van de redenen daarvoor wordt genoemd dat vast personeel te weinig flexibel is. Er wordt gewezen op het rigide Nederlandse ontslagrecht dat niet van toepassing zou zijn op freelancers. Die bewering is niet helemaal correct.

Freelancers zijn soms helemaal niet zo flexibel. Ook freelancers genieten namelijk onder voorwaarden ontslagbescherming. Voor beëindiging van de opdrachten is dan een ontslagvergunning nodig. Het hoeft niet eens te gaan om een freelancer die, op basis van de feiten, eigenlijk gewoon een arbeidsovereenkomst heeft, maar het is al voldoende dat:

1) de freelancer niet voor bepaalde tijd is ingehuurd en
2) de freelancer verplicht is het werk persoonlijk te verrichten en
3) de freelancer ‘in de regel’ minder dan vier (!) opdrachtgevers heeft (een VAR zegt feitelijk alleen iets over de fiscale status van een freelancer, en de VAR zet het ontslagrecht niet automatisch opzij) en
4) de freelancer gebruik maakt van minder dan twee hulpen, niet zijnde familie en
5) het werk voor de freelancer niet bijkomstig is.

Kortom, zeker bij freelancers die (zeer) regelmatig worden ingezet is het voor de uitgever belangrijk voor beëindiging van de relatie te beoordelen of er wellicht problemen met ontslagrecht zijn te verwachten.

In de checklist beëindiging relatie met freelancers staan adviezen hoe leden van het Nederlands Uitgeversverbond problemen in de toekomst kunnen voorkomen en hoe zij kunnen reageren op een eventuele claim op ontslagbescherming door een freelancer. Deze checklist is voor NUV-leden te vinden in dossier Freelancers onder achtergrond.